Johan Clarysse
Biografie
Johan Clarysse (1957) is beeldend kunstenaar, schrijft gedichten en dagboeknotities en heeft een basisopleiding in de filosofie (KUL). Gedichten van hem verschenen onder meer in Het Gezeefde Gedicht, Meander, Poëziekrant, Roer magazine, De schaal van Dighter, Literair Elders en Ballustrada en in een aantal bloemlezingen zoals: 'De 100 beste gedichten' uit de Gedichtenwedstrijd 2022, de bloemlezing 'Uit de Zeef' in 2024 samengesteld door RR Van Londerzele en Charles Ducal en 'Poëziepad van A tot Z'. In 2023 verscheen zijn debuutbundel 'Het geduld van water' bij uitgeverij P. In datzelfde jaar won hij de Melopee Publieksrijs voor het gedicht Breuklijn. Eerder was hij laureaat van de VTB Poëzieprijs Holsbeek in 2021. Hij trad onder meer op tijdens het jaarlijkse poëziefestival Poëzie in de pastorie, Don Vitalski's Salon Club, de poeziewandeling 'Dicht-er-bij' in Oostende en poëzieavonden in de Gentse boekhandel Geheel de Uwe.
Clarysse ‘s drijfveer om te schrijven (en te schilderen) is existentieel en emotioneel. Hij wordt gedreven tot het schrijven van gedichten omdat gewoonweg leven niet volstaat. Hij probeert daarbij herinneringen en ervaringen vast te leggen in treffende beelden, in een taal die helder en raadselachtig is en een zegging die zich tot de essentie beperkt. Zijn gedichten evoceren "een innerlijk landschap dat zich in de regel aan de taal onttrekt. Een landschap waarin lezers thuiskomen bij zichtzelf, maar anders dan voorheen". Zijn poëzie schommelt tussen revolte en aanvaarding, verlangen en vervulling, empathie en observatie.
In veel van zijn gedichten combineert hij concrete beelden met een filosofisch-existentiële ondertoon zonder dat het zwaarwichtig wordt. Dat hij beeldend kunstenaar is, een opleiding filosofie genoot en ervaring heeft in de hulpverleningssector laat sporen na in zijn poëzie en zorgt voor een eigen Claryssiaanse sfeerschepping waarbij introspectie, verwondering en vervreemding een merkwaardige alliantie aangaan.
Uitgelichte titels
Het geduld van water
Lezingen
Een lezing kan de vorm aannemen van een vertelling, een voorleesmoment, een interview of een combinatie van dat alles. Steeds ook met ruimte voor interactie met het publiek. Op aanvraag kan de talige insteek van een lezing afgewisseld worden met muzikale soundscapes van zijn neef Wout Clarysse, die een aantal composities schreef bij enkele van zijn gedichten.
Bij het voordrachtgedeelte kiest de auteur ervoor de gedichten te projecteren zodat ze langer doordringen. Soms leest hij om diezelfde reden een gedicht een tweede maal voor en vraagt hij het publiek waarover dit gedicht volgens hen gaat, welk beeld hen treft, welke associaties er opkomen.
Hij start graag met een kort gesprek over de thema’s die in zijn werk aan bod komen. Meerdere thema's samenhangend met onze condition humaine dringen zich op: de confrontatie met het menselijk tekort, met leven en dood, afscheid nemen, identiteit, relaties, mentale gezondheid, de complexiteit van onze menselijke drijfveren en verlangens... Indien gewenst kan er gefocust worden op één centraal thema als rode draad. Als daar de ruimte voor is verwijst hij aanvullend graag naar andere dichters (bv. Menno Wigman, Leonard Nolens, Rutger Kopland, Ingmar Heytze, Hester Knibbe...) die hem enthousiast maken en die gelijkaardige thema's aanraken.
Gezien zijn achtergrond als beeldend kunstenaar gaat hij graag in op analogieën en verschillen tussen poëzie enerzijds en schilderkunst anderzijds. "Schilderkunst is stomme poëzie en poëzie is sprekende schilderkunst", aldus Eugenides. Zowel wat thema's betreft, het creatieve proces als achterliggende motieven en drijfveren zijn er in zijn beleving heel wat parallellen tussen beide te trekken. Hij illustreert dat met concrete voorbeelden
Een andere invalshoek zijn de inspiratiebronnen: andere literatuur (romans en poëzie), beeldende kunst, film, het feit dat hij ooit filosofie studeerde, een periode part-time in de hulpverlening heeft gewerkt, de eigen rugzak met levenservaringen... Naast het vertellen daarover leest hij soms ook fragmenten uit zijn dagboeknotities die daarbij aansluiten. Literatuur in je leven binnenbrengen is ademen. Het is een manier om greep te krijgen op jezelf en de wereld om je heen, om in het geval van een gedicht met de juiste woorden de complexiteit te laten glanzen, de complexiteit van onze verlangens, gedachten, liefdes, levensverhalen.
Bij het voordragen van de gedichten vertelt hij over zijn visie op poëzie, het ontstaansproces, welke aanleiding of observatie mij tot schrijven bracht en hoe het schrijfproces zich dan verder ontwikkelt. Vaak is het startpunt een concrete herinnering, een zintuiglijke ervaring die is blijven hangen.
In poëzie heerst de vrijheid, is haast alles mogelijk maar tegelijkertijd is vakmanschap heel belangrijk. Wat maakt een gedicht goed? Indien wenselijk kan de dichter ook stilstaan bij een aantal vormelijke aspecten, vooral dan het belang van structuur, beeldspraak en muzikaliteit in een gedicht. Een gedicht is meer dan zijn duiding. Het is ook klank, sfeer, stemming, een berg schakeringen, beelden die blijven hangen. Hij laat zien hoe metaforen werken en niet werken in een gedicht, hoe je dingen kan verbinden die ogenschijnlijk weinig met elkaar te maken hebben, maar precies daardoor ontstaat er een vonk, komt er een soort energie vrij, waar hijzelf alvast enthousiast van wordt. Doel is dat de toehoorder op een frisse manier leert kijken naar het huis met de vele kamers dat poëzie is.
Praktisch
- Duur: Ongeveer 1 uur, eventueel een 1,5 uur indien in combinatie met een muzikale performance
- Technische ondersteuning: De organisator voorziet 1 of 2 micro's en projectiescherm + beamer
- Grootte groep: Afhankelijk van de organisatie en locatie. Bij voorkeur niet meer dan 20 mensen (in het geval van een boekhandel bijvoorbeeld). Bij grotere groep past Johan de vorm aan.