Hieronder vindt u de belangrijkste elementen uit het subsidiereglement voor auteurslezingen. Via onderstaande link kan u ook het volledige reglement raadplegen:

→ Lees hier het volledige Subsidiereglement Auteurslezingen 2017

 

1. Wat is een auteurslezing?

2. Wie kan een subsidie aanvragen?

3. Voor welke auteurs kan een subsidie worden aangevraagd?

4. Welke lezingen komen niet in aanmerking voor een subsidie?

5. Hoeveel lezingen kunnen gesubsidieerd worden?

6. Hoeveel bedraagt de subsidie van het VFL?

7. Hoe verloopt de aanvraagprocedure?

8. Hoe verloopt de beoordeling van de aanvraag?

9. Hoe verloopt de mededeling van het besluit en de uitbetaling?

10. Welke verplichtingen zijn verbonden aan het ontvangen van subsidie?

11. Waar kan u terecht wanneer u grotere plannen heeft dan het organiseren van één auteurslezing?


1. Wat is een auteurslezing?

Het Vlaams Fonds voor de Letteren wil ontmoetingen tussen auteurs en lezers aanmoedigen.
Een goede lezing verlaagt de drempel om een boek te beginnen lezen. Ze wekt nieuwsgierigheid en leeshonger.
Een lezing kan het leesplezier vergroten, de leeservaring verrijken en de blik op de literaire wereld verbreden.
Het VFL verstaat onder een auteurslezing een ontmoeting tussen één of meer auteurs en lezers. Een lezing vertrekt vanuit bestaande literaire boeken of teksten en mag creatief ingevuld worden (voorlezen uit eigen werk, vertellen over eigen werk, geïnterviewd worden over eigen werk, interactiviteit met het publiek over eigen werk…).
Een lezing duurt minimaal één (les)uur.
 

2. Wie kan een subsidie aanvragen?

Volgende organisaties, waarvan de maatschappelijke zetel gevestigd is in België, komen in aanmerking om een subsidie aan te vragen:

  • Scholen (kleuter-, basis-, secundair onderwijs, hogescholen, cvo’s…)
  • Bibliotheken
  • Leesclubs
  • Socio-culturele verenigingen, bewegingen en vormingsinstellingen (bv. Davidsfonds, Markant, Neos, Gezinsbond, Welzijnszorg, Vormingplus)
  • Zorginstellingen, organisaties uit de welzijnssector (bv. ziekenhuizen, kinderopvangcentra, rusthuizen, armoedeverenigingen)
  • Cultuur- en gemeenschapscentra
  • Kunstenorganisaties en organisaties voor kunsteducatie en sociaal-artistieke werking
  • Onafhankelijke boekhandels
     

3. Voor welke auteurs kan een subsidie worden aangevraagd?

De organisator kan een subsidie aanvragen voor lezingen van zowel Vlaamse als Nederlandse auteurs. Om een subsidie aan te vragen voor een lezing met een Vlaamse auteur, moet de organisator zich eerst registeren via www.auteurslezingen.be. Bij registratie stelt de organisator een gebruikersnaam en paswoord in. Hiermee kan de organisator inloggen op zijn of haar persoonlijke account, en gesubsidieerde lezingen aanvragen en wijzigen. Indien een organisator een subsidie voor een lezing van een Nederlandse auteur wil aanvragen, gebeurt dat via het daartoe voorziene invulformulier op de website.

4. Welke lezingen komen niet in aanmerking voor een subsidie?

De volgende lezingen komen niet in aanmerking voor een subsidie:

  • Lezingen georganiseerd door uitgevers / lezingen met exclusief commerciële doeleinden (signeersessies, boekpresentaties, verkoopacties, auteurspromoties…);
  • Lezingen georganiseerd door literaire organisaties die een structurele VFL-subsidie ontvangen;
  • Lezingen georganiseerd door organisaties die voor een literaire manifestatie een VFL-subsidie ontvangen;[1]
  • (Schrijf)workshops;
  • Opnames van voorleessessies;
  • Lezingen in boekhandels (met uitzondering van onafhankelijke boekhandels).[2]
     

5. Hoeveel lezingen kunnen gesubsidieerd worden?

Maximaal aantal lezingen per jaar:

  • Een auteur kan maximaal 15 gesubsidieerde lezingen per jaar geven. Per dag kan een auteur maximaal drie gesubsidieerde lezingen geven.
  • Een auteur kan maximaal twee gesubsidieerde lezingen per jaar geven aan een vereniging waarvan de auteur organiserend lid is. Daarnaast kan de auteur nog maximaal 13 gesubsidieerde lezingen geven aan organisaties waarvan hij of zij geen organiserend lid is. 
  • Een organisatie kan maximaal 15 gesubsidieerde lezingen per jaar organiseren. Het VFL betaalt de subsidie (maximaal 1.500 euro per jaar) rechtstreeks uit aan de auteurs. Een organisator kan een subsidie aanvragen voor meerdere auteurs per dag.

Wanneer twee of meer auteurs samenwerken, wordt het aandeel van elke auteur beschouwd als een aparte lezing. Ook voor de organisator telt de inbreng van elke meewerkende auteur als een aparte lezing. Met andere woorden: de organisator kan per jaar maximaal vijftien auteurs uitnodigen volgens dit reglement.
 

6. Hoeveel bedraagt de subsidie van het VFL?

Subsidiebedrag en bijkomende vergoedingen auteur:

De subsidie bedraagt 100 euro per lezing. Het VFL betaalt de subsidie rechtstreeks uit aan de auteur. De 100 euro van het Vlaams Fonds voor de Letteren is belastbaar volgens de geldende regeling op de inkomstenbelasting. De auteur ontvangt van het VFL in het jaar volgend op de gepresteerde lezingen een fiche 281.50 voor zijn/haar belastingaangifte.

Het VFL kent enkel een subsidie toe indien het honorarium dat de auteur vraagt lager ligt dan 500 euro. Wanneer een auteur een bedrag vraagt hoger dan 500 euro, verstrekt het VFL geen subsidie.

Naast de subsidie verwacht het VFL dat de organisator een bijkomende vergoeding voorziet voor de auteur en de terugbetaling van de vervoersonkosten van de auteur (treinticket 2de  klasse of kilometervergoeding[3]):

  • Scholen: vervoersonkosten + minimaal 30 euro eigen inbreng voor honorarium;
  • Leesclubs: vervoersonkosten + minimaal 50 euro eigen inbreng voor honorarium;
  • Bibliotheken:
    • vervoersonkosten + minimaal 30 euro eigen inbreng voor honorarium voor schoolpubliek;
    • vervoersonkosten + minimaal 50 euro eigen inbreng voor honorarium voor algemeen publiek;
  • Socio-culturele organisaties, zorginstellingen, cultuur- en gemeenschapscentra, kunstenorganisaties en organisaties voor kunsteducatie en sociaal-artistieke werking en onafhankelijke boekhandels:
    • vervoersonkosten + minimaal 30 euro eigen inbreng voor honorarium voor specifiek doelpubliek in het kader van interculturaliteit of armoedebestrijding;
    • vervoersonkosten + minimaal 50 euro eigen inbreng voor honorarium voor algemeen publiek ;
  • Specifieke opdracht aan auteur: vervoersonkosten + minimaal 100 euro eigen inbreng voor honorarium.

Het VFL int de eigen bijdrage en de vervoersonkosten bij de organisator. Na afloop van de lezing betaalt het VFL het volledige bedrag (subsidie, bijdrage organisator en vervoersonkosten) uit aan de auteur. Dit gebeurt na het invullen van het verslag.
 

7. Aanvraagprocedure

Deadlines

Organisatoren kunnen permanent, gedurende het hele jaar een aanvraag voor een auteurslezing indienen. De aanvraag moet wel uiterlijk één maand voor de lezing plaatsvindt, ingediend worden. De aanvraag kan maximaal twaalf maanden voor de lezing plaatsvindt, ingediend worden.

De aanvraag

Scholen, bibliotheken, leesclubs, socio-culturele organisaties, zorginstellingen, cultuur- en gemeenschapscentra, kunstenorganisaties en organisaties voor kunsteducatie en sociaal-artistieke werking en onafhankelijke boekhandels kunnen een aanvraag indienen voor een auteurslezing. De organisator vraagt een subsidie aan voor de lezing via www.auteurslezingen.be. De aanvraag kan digitaal voor auteurs die vermeld staan op de auteurslijst. Indien u niet beschikt over internet kan u de aanvraag ook op papier indienen. Het VFL bezorgt u op aanvraag graag het aanvraagformulier. Indien een organisator een Nederlandse auteur wil uitnodigen, kan hij contact opnemen met het VFL-secretariaat.

De organisator contacteert de auteur via de contactgegevens op de website en maakt inhoudelijke, praktische en financiële afspraken met de auteur. Zodra deze afspraken gemaakt zijn, kan de organisator een subsidie aanvragen voor de lezing.


8. Beoordeling aanvraag

Bij de beoordeling van de aanvragen houdt het VFL rekening met de volgende criteria:

  • Inhoud, opzet en kwaliteit van de lezing;
  • Leesbevorderend karakter van de lezing;
  • Literair karakter van de reeds door de auteur gepubliceerde boeken;
  • Goede promotie voor de lezing;
  • Voorbereiding van de doelgroep voor de lezing;
  • Duidelijke afspraken tussen auteur en organisator over duur, inhoud en vorm van de lezing alsook over praktische benodigdheden;
  • Een degelijke vergoeding voor de auteur.

Indien het VFL de aanvraag positief beoordeelt, stellen de drie partijen (VFL, organisator en auteur) zich akkoord met de gemaakte afspraken.
 

9. Mededeling en uitbetaling van de subsidie

Uiterlijk twee maanden nadat de organisator de subsidie heeft aangevraagd, brengt het VFL de organisator en de auteur op de hoogte of er al dan niet een subsidie wordt toegekend voor de auteurslezing. 

Eén dag na de auteurslezing ontvangen organisator en auteur een e-mail met de vraag om online een kort verslag in te vullen over de lezing. Voor de organisator is dit verplicht, voor de auteur niet. De organisator vult het verslag ten laatste vijf dagen na de lezing in. Na ontvangst van het verslag verstuurt het VFL de factuur voor de eigen bijdrage en de vervoersonkosten per mail naar de organisator. Tegelijkertijd met het versturen van de factuur naar de organisator, betaalt het VFL het totaalhonorarium (inclusief subsidie) uit aan de auteur. Het VFL wacht dus niet op de uitbetaling van de organisator aan het VFL, om het totaalhonorarium aan de auteur uit te betalen. De betaling aan de auteur gebeurt binnen een maand na ontvangst van het verslag van de organisator. Zonder verslag betaalt het VFL niet uit.

Bij oneigenlijk gebruik behoudt het VFL zich het recht voor om de tussenkomst van 100 euro te weigeren. Het VFL kan altijd bijkomende inlichtingen over de lezing inwinnen en/of de lezing bijwonen. Als de organisator of de auteur de bijdrage voor een ander doel dan het honorarium voor de auteurslezing gebruikt, eist het VFL onmiddellijke terugbetaling. Het is mogelijk dat het VFL hierdoor in de toekomst deze organisator of auteur niet meer ondersteunt.

Indien de lezing om een of andere reden niet doorgaat, moet de organisator het VFL daarvan op de hoogte brengen. Als de organisator de eigen bijdrage niet aan het VFL betaalt, dan zal de organisator geen verdere subsidieaanvragen meer kunnen indienen

10. Subsidieverplichtingen

Op alle promotie- en documentatiemateriaal (folders, affiches, brochures…) en de website van de manifestatie waarvoor de organisator een subsidie van het Vlaams Fonds voor de Letteren ontvangt, moet het VFL als subsidiegever worden vermeld, samen met het VFL-logo. U kunt het logo downloaden op www.vfl.be.
 

11. Grotere plannen

Organisatoren die verschillende kort opeenvolgende auteurslezingen plannen met een of meerdere auteurs (bv. een auteurstournee), kunnen een overkoepelende aanvraag indienen voor de verschillende lezingen samen. De adviescommissie Auteurslezingen beoordeelt de aanvraag. Organisatoren nemen hiervoor eerst contact op met het VFL via auteurslezingen@vfl.be of 03/270.31.66.

Voor organisatoren die méér doen dan alleen maar een auteur uitnodigen voor een of meerdere lezingen zijn er nog andere manieren van ondersteuning. Zo heeft het VFL ook een subsidieregeling voor literaire manifestaties. Het subsidiereglement met informatie over deadlines, samenstelling van het dossier en beoordelingscriteria vindt u op www.vfl.be. Let wel op: een organisator kan niet voor hetzelfde project subsidies aanvragen voor een literaire manifestatie én voor auteurslezingen. Indien de aanvraag voor een literaire manifestatie niet voldoet aan de criteria die worden opgesomd in het subsidiereglement, dan kan de adviescommissie Literaire Manifestaties en Organisaties de aanvraag doorverwijzen naar de subsidieregeling auteurslezingen.

Specifieke leesbevorderingsprojecten kunnen een aanvraag indienen voor de subsidieregeling leesbevordering van het VFL. Het subsidiereglement met informatie over deadlines, samenstelling van het dossier en beoordelingscriteria vindt u op www.vfl.be.

Scholen kunnen voor culturele (inclusief literaire) projecten steun aanvragen bij CANON Cultuurcel via het Dynamo 3 programma

→ Lees hier het volledige Subsidiereglement Auteurslezingen 2017

 

[1]
Hierbij moet opgemerkt worden dat de adviescommissie Literaire Manifestaties en Organisaties literaire manifestaties kan doorverwijzen naar de subsidieregeling voor auteurslezingen indien de manifestatie niet voldoet aan de criteria zoals vermeld in het subsidiereglement voor literaire manifestaties.

[2]
Onder een onafhankelijke boekhandel wordt het volgende verstaan:
- de bedrijfsleider beschikt over de volledige autonomie om 100% zelfstandig te beslissen over aankoop en assortimentsbepaling
- de onafhankelijke zaakvoerder is zelf verantwoordelijk voor de volledige werking en voor het bedrijfsresultaat van het verkooppunt
- boekhandelketens bestaande uit drie of meer filialen, komen niet in aanmerking

[3]
Het bedrag van de kilometervergoeding wordt jaarlijks met ingang van 1 juli herzien door de Vlaamse minister bevoegd voor Bestuurszaken. Op 1 juli 2016 bedraagt de kilometervergoeding 0,3363 euro/km.